Afbeelding
19 feb 20
19 feb 20
Reactie D66 op nieuwe Europese digitale strategie

Zojuist heeft de Europese Commissie haar visie aangekondigd voor de digitale toekomst van Europa. De Commissie wil van Europa een technologische wereldleider maken door  vertrouwen te kweken in technologie en tegelijkertijd de interne digitale markt voltooien.

Europarlementariër Sophie in 't Veld (D66) is mild positief over de gepresenteerde visie, maar kijkt uit naar concrete uitwerking. "Nieuwe technologieën als kunstmatige intelligentie met ongekende mogelijkheden moeten we zeker omarmen. Maar we moeten wel altijd bewust zijn van de impact op mens en maatschappij. Het is daarom goed dat de Commissie aankondigt dat er een brede Europese discussie over specifiek gebruik van kunstmatige intelligentie komt, om verschillende regels in verschillende landen te voorkomen.”

 

Geen Europese big tech

Op dit moment is maar 2% van de wereldwijde marktwaarde van platformen in handen van Europese bedrijven, wat ernstige gevolgen heeft voor het concurrentievermogen van Europa, en het vermogen om wereldwijd normen vast te stellen. In ‘t Veld: “Op dit moment maken Silicon Valley en Beijing de dienst uit en heeft de EU moeite om mensen hier tegen te beschermen. We hebben genoeg Europeanen met het brein van Mark Zuckerberg, maar er zijn nog te veel barrières in de Europese markt die de groei van eigen bedrijven belemmeren. Over tien jaar moeten we echt Europese digitale kampioenen hebben die kunnen concurreren op het wereldtoneel.”

 

Gezichtsherkenning

Aanvankelijk wilde de Europese Commissie een tijdelijk verbod op het gebruik van gezichtsherkenning in de openbare ruimte voorstellen, totdat er duidelijke regels zijn die mensen beter beschermen. Dat tijdelijk verbod is nu vooralsnog uit de plannen gelaten. In plaats daarvan wordt er dit jaar een uitgebreide discussie gestart over in welke situaties het gebruik van gezichtsherkenning mogelijk is. In 't Veld: "Ik betreur het dat het tijdelijke verbod op het gebruik van gezichtsherkenning in de publieke ruimte niet de eindversie van de digitale strategie heeft gehaald. Er zijn veel zorgen in de maatschappij over het gebruik van deze oprukkende technologie, waarbij massasurveillance op de loer ligt. Een pauze op het toestaan van gebruik was noodzakelijk geweest om de impact op privacy van mensen eerst goed te bekijken. Niet alles wat technisch mogelijk is, is ook maatschappelijk wenselijk. In de aankomende discussie moet er heel goed gekeken worden naar of en met welke waarborgen gezichtsherkenning in de publieke ruimte toegestaan wordt.” D66 neemt echter de woorden ter harte van Commissaris Vestager, dat gezichtsherkenning strijdig is met de Europese privacywet. 

In het vierde kwartaal van dit jaar zal de Commissie met wetgevende voorstellen komen.

print